Nederland drijft op vuurmieren
Vorige week mocht ik bij de balanslezing zijn, in het prachtige provinciehuis van Noord-Holland. Marjan Slob, de denker der Nederlanden reflecteerde op de staat van de overheid in Nederland, op verzoek van de programmadirectie Dialoog en Ethiek. De wereld is een storm verteld ze, en Nederland houdt zich bijeen als een hoop Argentijnse vuurmieren.

Wat Argentijnse vuurmieren namelijk doen is dat ze samen met hun eitjes en jonkies zich aan elkaar vasthaken. Tussen die mieren ontstaan vervolgens luchtbelletjes. Deze luchtbelletjes maken vervolgens van de kluwen mieren een vlot. Hierdoor overleven de mieren stormen en vloeden.
Zij moeten Nederland bij elkaar houden en zorgen voor meer drijfvermogen. En dat doen zij met een rechtvaardig oog voor iedereen. Juist daarom is het zo verschrikkelijk als de overheid zelf onrecht doet. Juist die overheid moet iedereen aanhaken.
Slob noemt hierbij de Letse filosoof Judith Shklar. Haar boodschap is dat je pas echt weet pas onrecht is, als je hebt meegemaakt. We kunnen dus wel met elkaar filosoferen over wat rechtvaardigheid is, maar pas als we het onrecht hebben mee hebben gemaakt kunnen we er wat over zeggen. Toch moeten we niet bang zijn veranderingen, ondanks dat die altijd verliezers kennen. Daarom moet de discussie over rechtvaardigheid in balans komen.
Onbalans leidt tot nieuw onrecht. Ambtenaren die dachten dat ze het recht deden in de toeslagenaffaire, zorgden juist voor onrecht. En bij elk onrecht, laat er een bubbeltje lucht los uit het vlot van de vuurmieren. En neemt het drijfvermogen af.